“Het is fiscaal gewoon handig om het bedrijf nu alvast aan mijn dochter over te dragen. Dat scheelt straks met de erfenis.” Dit is zo’n zin waarbij ik meteen aan ga. Leuk dat het fiscaal handig is, maar wil je dochter het bedrijf eigenlijk wel overnemen? Past de rol die ze krijgt bij haar? Wil ze directeur worden? Heeft iemand dat echt aan haar gevraagd? In deze blog lees jij de signalen die jij als trusted advisor of adviseur van een familiebedrijf kan oppikken, waardoor het handiger is om te vertragen in plaats van de overdracht af te ronden. Met als doel natuurlijk dat de bedrijfsoverdracht ook op de lange termijn een goede impact op de familie en het bedrijf heeft, zodat het familiebedrijf zakelijk gaat winnen, zonder privé te verliezen.
Ik ken een situatie waarin een vader zijn bedrijf overdroeg aan zijn dochter. Praktisch gezien was het een logische stap en ook met het oog op de erfenis kwam het goed uit. Dus werd de overdracht in gang gezet. Alleen kwam die dochter daarmee in een rol terecht die helemaal niet bij haar paste. Ze kon het wel, daar zat het probleem niet. Ze ging alleen iets dragen wat niet van haar was. Een directeursrol die niet aansloot bij wie zij was en waar ze goed in was.
Dan denk ik: hoe kan het dat we precies uitrekenen wat fiscaal de slimste route is, maar een veel simpelere vraag missen: wil jij dit eigenlijk wel?
Daarom zou ik als adviseur bij sommige uitspraken echt even op de rem trappen. Je hoeft als accountant, fiscalist, jurist of notaris helemaal niet te weten wat er precies onder zo’n uitspraak zit. Je hoeft het ook niet op te lossen. Maar je kunt het wel opmerken en besluiten dat je nog niet meteen doorgaat naar de volgende stap.
Signalen om te vertragen bij een bedrijfsoverdracht binnen een familiebedrijf
-
Let op de ‘maar’
“Ik ben er echt klaar mee hoor, maar ik blijf voorlopig nog wel een paar dagen per week op de zaak.” Of: “Mijn zoon krijgt alle ruimte, maar de grote investeringen wil ik nog wel samen bespreken.” En ook deze hoor ik graag: “Ze moet het vooral op haar eigen manier doen, maar sommige dingen doen we hier natuurlijk al dertig jaar zo.”
Als ik zo’n ‘maar’ hoor, wil ik doorvragen. Wat betekent ‘alle ruimte’ als je bij de grote beslissingen nog steeds toestemming van je vader nodig hebt? En wat betekent ‘ik ben gestopt’ als je iedere maandag, dinsdag en donderdag nog op kantoor zit?
Daar hoeft op zichzelf helemaal niets mis mee te zijn. Er zijn genoeg familiebedrijven waar de vorige generatie na de overdracht nog jarenlang van enorme waarde is. Ik wil alleen weten welke plek iemand daar heeft. Als vader adviseert wanneer zijn zoon hem om advies vraagt, is dat iets anders dan wanneer medewerkers nog steeds bij vader naar binnen lopen zodra ze bij zoon geen gelijk krijgen.
En ik wil weten of degene die overdraagt er zelf klaar voor is om straks niet meer overal voor nodig te zijn.
Lees meer over leiderschapstransities in familiebedrijven
2. Toekomst niet helder van de overdrager
Waar ben jij maandagochtend om acht uur? Dit is een vraag die ik iedere overdrager zou stellen. Stel, de overdracht is achter de rug en we zijn twee jaar verder. Het is maandagochtend acht uur. Waar ben jij en wat ga je vandaag doen?
Als iemand daarop zegt: “Ach, ik zie wel”, word ik nieuwsgierig. Je hebt misschien dertig of veertig jaar aan dit bedrijf gebouwd. Je kent iedere klant, iedereen kent jou, je telefoon gaat de hele dag en er zijn altijd honderd dingen waar jij iets van moet vinden. Misschien staat je achternaam zelfs op de gevel. En dan ben je ineens klaar. Dat is nogal wat.
Ik wil daarom weten wat iemand daarna gaat doen. Misschien is er een nieuw project, wil iemand investeren, een stuk grond ontwikkelen, reizen, bestuurswerk doen of eindelijk iets oppakken waar al jaren geen tijd voor was. Daar hoeft echt geen dichtgetimmerd vijfjarenplan voor te liggen. Maar als het enige antwoord is: “Ik blijf nog wel een beetje betrokken bij de zaak”, dan wil ik weten wat ‘een beetje’ betekent.
Want je zoon of dochter heeft straks wel ruimte nodig om het op een eigen manier te gaan doen. En ruimte maken wordt knap lastig als je zelf eigenlijk nog nergens anders naartoe wilt.
3. “Ik wil gewoon dat het eerlijk is voor alle kinderen”
Ook zo’n zin waarbij ik langer zou blijven hangen. “Ik heb drie kinderen, dus ze krijgen allemaal een derde.” Dat klinkt hartstikke eerlijk, totdat je ontdekt dat één kind al vijftien jaar in het bedrijf werkt, nummer twee een eigen onderneming heeft en nummer drie vooral ieder jaar dividend wil ontvangen.
Dan heb je drie kinderen hetzelfde gegeven en mogelijk een constructie gebouwd waar niemand echt om gevraagd heeft. Wat willen die kinderen zelf? Wil degene die het bedrijf niet overneemt überhaupt aandelen? Wat betekent het voor degene die iedere dag in de zaak staat als zijn broer en zus straks wel mede-eigenaar zijn? En hoeveel ruimte heeft hij om te ondernemen als bij iedere grote keuze de hele familie weer aan tafel moet?
Je kinderen evenveel gunnen betekent voor mij niet automatisch dat je ze hetzelfde moet geven. Juist bij een familiebedrijf wil ik dat daar heel bewust naar gekeken wordt.
Luister de podcast: dit wordt er vaak vergeten in bedrijfsoverdracht binnen familiebedrijven
4. “Voor dat bedrag doe ik het niet”
Ook bij een discussie over de prijs zou ik mijn oren spitsen. “Dan geef ik het bijna cadeau.” “Ik heb hier veertig jaar voor gewerkt.” “Hij krijgt het wel heel makkelijk zo.”
Misschien is de prijs gewoon te laag. Dat kan natuurlijk. Maar soms hoor je iemand praten over geld en voel je dat het gesprek inmiddels ergens anders over gaat. Over veertig jaar keihard werken bijvoorbeeld. Over alles wat iemand ervoor heeft laten staan. Over de behoefte dat de kinderen ook werkelijk zien wat vader of moeder heeft opgebouwd.
Dan zou ik als adviseur gewoon eens vragen: “Wat maakt dat dit bedrag zoveel met je doet?” En vervolgens niet te snel het antwoord voor iemand invullen. Want als iemand via de verkoopprijs erkenning probeert te krijgen voor veertig jaar ondernemerschap, kun je nog tien keer opnieuw rekenen zonder het echte gesprek te voeren.
En vergeet vooral ook niet: welke vraag of twijfel wordt er niet uitgesproken, door juist te benoemen dat het overname bedrag te laag is?
5. De koude kant
Hier zou ik binnen een familiebedrijf echt niet te makkelijk overheen stappen. Zeker niet wanneer iemand zegt: “Ach, mijn schoonzoon bemoeit zich daar helemaal niet mee”, of: “Dat komt wel goed, daar hoeven we nu toch nog niet over na te denken?”. Jawel. Ik zou daar juist nu over nadenken.
Als er een koude kant in het spel komt, wil je vooraf heel goed weten wat er gebeurt als het leven straks anders loopt dan iedereen vandaag verwacht. Wie krijgt welke positie? Waar liggen de aandelen? Wat gebeurt er bij een scheiding of overlijden? Wie kan waar aanspraak op maken? Hoeveel invloed kan iemand die niet uit de familie komt uiteindelijk krijgen op het bedrijf?
Dat zijn misschien niet de gesprekken waar iemand tijdens een bedrijfsoverdracht het meeste zin in heeft. Toch zou ik ze veel liever voeren op een moment dat iedereen elkaar nog vertrouwt en gewoon met elkaar door één deur kan.
Want het laatste wat je wilt, is vijf jaar na een overdracht met advocaten aan tafel zitten en iemand horen zeggen: “Ja, hier hebben we het destijds eigenlijk nooit echt over gehad.”
Als een familie heel gemakkelijk doet over de koude kant, zou ik als adviseur dus juist wat langzamer gaan. Dat gemak kan prima terecht zijn. Ik zou het alleen wel willen weten voordat er handtekeningen worden gezet.
6. Neem je onderbuik gevoel serieus
Dit vind ik misschien wel een van de belangrijkste dingen voor adviseurs. Soms zit je bij een familie aan tafel en klopt alles. De cijfers zijn goed, de constructie kan, vader zegt dat hij eraan toe is en zoon heeft zin om verder te gaan. Toch heb jij ergens iets waarvan je denkt: hm, ik weet het niet.
Je kunt misschien niet eens precies uitleggen waarom. Neem dat gevoel toch serieus. Je werkt misschien al twintig jaar met ondernemers. Je hebt honderden gesprekken gevoerd en je hebt waarschijnlijk bedrijfsoverdrachten prachtig zien verlopen én zien ontsporen. Je pikt meer op dan alleen de woorden die iemand uitspreekt.
Je hoeft daar vervolgens geen ingewikkelde systemische analyse van te maken. Stel gewoon nog een vraag. Vraag de overdrager wat hij het meeste gaat missen. Vraag wat er gebeurt als zijn dochter straks een beslissing neemt die hij werkelijk waardeloos vindt. Vraag een zoon die zegt dat hij het bedrijf graag wil overnemen of hij dat ook zou willen als dit niet het bedrijf van zijn ouders was.
En kijk vervolgens wat er gebeurt. Soms vertelt de stilte na zo’n vraag je meer dan het antwoord dat daarvoor gegeven werd.
Ik vertraag liever drie maanden dan dat we drie jaar ellende opruimen
Volgens mij zit daar ook een verantwoordelijkheid voor de adviseurs rondom een familiebedrijf. Een familie vertrouwt erop dat jij niet alleen helpt om iets goed te regelen, maar ook opmerkt wanneer er iets gebeurt waar nog eens naar gekeken moet worden.
Dus als jij tijdens een overdracht denkt: ik weet het niet hoor, zou ik daar iets mee doen. Vraag nog een keer door. Als vader eigenlijk helemaal niet weg wil, zoon vooral ja zegt omdat iedereen ervan uitgaat dat hij het gaat doen, moeder heel stil wordt zodra het over de verdeling gaat of de koude kant zo snel mogelijk van tafel wordt geveegd, dan ligt daar informatie.
Daar hoef jij vervolgens niet zelf mee aan de slag. Daar kan ik bij aansluiten. Ik doe niets met de cijfers, de inhoudelijke kant van de overdracht, ik ben daar juist voor het menselijke aspect van de bedrijfsoverdracht.
En eerlijk gezegd is dit precies het moment waarop ik het liefst aansluit. Als iedereen nog met elkaar praat. Als er nog geen ruzie is. Als er nog keuzes gemaakt kunnen worden en de overdracht nog niet zo ver is dichtgetimmerd dat niemand meer terug durft.
Dan kunnen we kijken wat er werkelijk nodig is om de volgende generatie straks de ruimte te geven om het bedrijf op zijn of haar manier te leiden. We kunnen onderzoeken wat degene die overdraagt nodig heeft om daadwerkelijk een stap terug te kunnen zetten en welke gesprekken binnen de familie nog gevoerd moeten worden voordat er verder wordt gegaan. Ik wil veel liever op dat moment gebeld worden dan wanneer vader en zoon elkaar inmiddels niet meer aankijken of de kersttafel in tweeën is gesplitst.
Dus zit jij als adviseur bij een familie aan tafel en merk je aan je onderbuik dat er iets niet klopt? Bel me dan eens. Volgens mij kunnen we door op tijd een goed gesprek te voeren een hoop ellende voorkomen en in sommige gevallen kan ik vanaf de zijlijn al een helpende hand bieden.
En uiteindelijk is dat waar ik altijd op uitkom: zakelijk winnen, zonder privé te verliezen.
Sanne van Paassen moet je hebben als de bedrijfsoverdracht op papier klopt, maar de echte leiderschapstransitie nog moet beginnen. Als boerendochter, voormalig topsporter en systemisch expert werkt ze met overdragers en opvolgers vóórdat het gedoe ontstaat. Zodat de volgende generatie ook werkelijk de ruimte krijgt om te leiden.
Zakelijk winnen, zonder privé te verliezen.
- Als je klant dit zegt, zou ik de bedrijfsoverdracht vertragen - 22 september 2026
- Ben jij werkelijk beschikbaar voor datgene wat je zegt dat je wilt? - 31 augustus 2026
- Je hoeft je eindbestemming niet te kennen om te weten dat het tijd is voor een nieuwe koers - 31 augustus 2026



